Lukas 2:7b De wieg van de Zoon van God op aarde is een voerbak Kerstfeest

26-12-2015 15:43

 

ORDE VAN DIENST

Votum

Vrede/Zegengroet

Gezang 7:1,5,6

Lezing van Gods wet Exodus 20

Galaten 4:1-5

Psalm 36:2,3

Gebed

Schriftlezing: Lukas 2:1-7

Gezang 12:1-4

Schriftlezing: Lukas 2:8-19

Gezang 12:5-8

Tekst: Lukas 2:7b

Verkondiging van het evangelie

Psalm  118:8,9

Dankgebed

Collecte

Gezang 11

Zegen

 

Geliefde gemeente van onze Here Jezus Christus, broeders en zusters, jongens en meisjes

 

We hebben het met kerst over de kribbe waarin de Here Jezus als pasgeboren baby heeft gelegen. Veel mensen houden van dat woord. Het woord is in onze oren vaak zacht gaan klinken. Een woord dat iets van romantiek oproept. Dat woord is zo vertrouwd, het hoort zo bij kerst. De kleine Jezus in de kribbe. Dat is om te troetelen en te vertroetelen.  Je ziet in deze tijd dan ook op heel veel plaatsen een stal met daarin dan de Here Jezus en Jozef en Maria. Het is zo aandoenlijk en gezellig om te zien hoe zelfs een kindje in een stal is geboren en in de kribbe lag. Het klinkt voor veel mensen zo teer.

Zo ervaren veel mensen in onze tijd het. Maar bedenk gemeente dat die kribbe een heel gewone voerbak voor dieren was!  Het woord krib betekent ook niet anders maar omdat het een ouderwets woord is kan het zo’n  romantische uitstraling krijgen.

Jezus in een voerbak. Dominee dat klinkt zo oneerbiedig, zo ruw!  Mijn broeder of zuster dat moet ook. Zo ruw was het ook. Zo oneerbiedig ontving de wereld de Zoon van God die als de beloofde Verlosser naar de wereld kwam. In het Grieks staat hier geen verhullend woord. In het Grieks staat hier geen teer woord. Het gaat heel gewoon om een voerbak voor dieren. Niks meer en niks minder. Wij moeten en mogen het niet mooier maken als wat het is! Juist in dit ruwe, in dit onwelkome komt de boodschap van onze tekst op Kerstdag naar ons toe. Jozef en Maria gaven Hem nog de beste plaats die ze Hem konden geven maar de mensen gaven de Zoon van God die naar de wereld kwam geen betere plek. Er was voor Hem geen plaats in de herberg. Hierin klinkt het ontdekkende en blijde evangelie vandaag voor ons. Ik verkondig jullie dat evangelie aan jullie onder het volgende thema:

 

DE WIEG VAN DE ZOON VAN GOD OP AARDE IS EEN VOERBAK

 

1. Hij is voor ons arm geworden

2. Hij laat zich voor ons vernederen.

 

1. Hij is voor ons arm geworden

 

Jozef en Maria hebben de afgelopen 9 maanden veel meegemaakt. Hun leven is echt op zijn kop komen te staan.  Moet je je eens proberen in te denken wat er de afgelopen maanden allemaal gebeurd is.  Jozef en Maria hebben verkering.  Ze zijn samen als heel gewone mensen  op weg  naar een huwelijk. Dan ineens staat er de engel Gabriël die tegen Maria zegt dat ze zwanger zal worden. Dat zij zonder seksuele omgang met Jozef in verwachting zal raken van de beloofde Verlosser.

Allemaal heel mooi maar hoe vertel je dit aan Jozef. Dit is toch gewoon niet uit te leggen!  Jozef gaat dat toch nooit geloven. Logisch toch dat hij denkt dat ze zwanger is van een andere man? Je ziet dan ook dat de HERE zelf hier als de Helper optreedt die Maria nodig heeft.  De Here stuurt dan naar Jozef een engel om hem voor te bereiden en te vertellen wat er werkelijk aan de hand is.  De HERE begrijpt heel goed dat dit niet te geloven is als Hij het niet zelf aan Jozef laat weten.

Wat  moet het allemaal vreemd en onwerkelijk gevoeld hebben. Dan komt hun hele leven in een stroomversnelling. Maria gaat dan nog een tijdje naar Elisabeth die op haar hoge leeftijd nog in verwachting van Johannes is. Het is alsof er allerlei ongelooflijke dingen gebeuren die het leven van Jozef en Maria heel direct raken.

Dan wordt al meer zichtbaar dat Maria in verwachting is.  De mensen kunnen niet anders denken dan dat het kind van Jozef is. Zeker nu Jozef duidelijk maakt dat hij bij Maria blijft en met haar gaat trouwen. Laat de mensen maar praten.  Jozef en Maria kennen de werkelijkheid die de HERE hen zelf verteld heeft. Dan is er nog de reis naar Bethlehem. Daar zullen ze echt niet op hebben zitten te wachten. Zeker voor Maria die hoogzwanger is, zal die reisje geen pretje zijn geweest. Wat zit het leven van Jozef en Maria in de afgelopen 9 maanden vol van plotselinge veranderingen. Het  gaat allemaal zo anders dan ze een jaar geleden gedacht hadden. De HERE heeft heel  ingrijpend in hun leven ingegrepen. Het is de HERE die de grote wereldheerser keizer Augustus het bevel laat doen waardoor Jozef en Maria in Bethlehem terecht komen. Niet Augustus heeft uiteindelijk de regie van de geschiedenis in handen maar de HERE. We kunnen vandaag zeggen dat niet Obama of Poetin de geschiedenis besturen maar Jezus Christus.

De HERE brengt Jozef en Maria in Bethlehem. Want daar moet de grote Koning en Redder van de wereld geboren worden. Wie het Woord van God kent die weet dat. Als koning Herodes bij de komst van de wijzen aan de Joodse leiders vraagt waar de beloofde Messias geboren zal worden, krijgt hij meteen dit antwoord: “Te Bethlehem in Judea, want aldus staat geschreven door de profeet:  En u, Bethlehem, land van Juda, bent geenszins  de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman voortkomen, die mijn volk Israël weiden zal.” Matt 2:5,6

Jozef en Maria hebben Bethlehem bereikt. De Here Jezus is nog niet geboren. De HERE zorgt dat Jozef en Maria met het Kindje in Maria’s buik veilig in Bethlehem aankomen. De HERE draagt ook de hoogzwangere Maria om in Bethlehem te kunnen komen. Hij zorgt dat alles volgens Zijn plan zal verlopen.  Zo zijn Maria en haar kind veilig in Vader handen.

Wat is het dan moeilijk als ze in Bethlehem aankomen. Nergens een plaats. Toch ergens achteraf is er nog iets waar ze de nacht kunnen doorbrengen. Een plaats die eigenlijk niet voor mensen is gemaakt. Het is voor de dieren en als teken daarvan staat er ook een voerbak. Daar ergens achteraf in armelijke omstandigheden bevalt Maria van het Kind Jezus. Een heel gewone geboorte. Wie de geboorte van de Here Jezus zou hebben meegemaakt zou  niet bijzonders hebben gezien. Zo gewoon. Een vrouw die pijn heeft, een jongetje die niets anders dan andere kinderen lijkt.  Die als hij geboren is begint te huilen. Die na een tijdje aan de borst van moeder Maria gelegd moet worden om genoeg eten binnen te krijgen. Zo gewoon en zelfs alles zo armelijk. Geen Jezus die met een stralenkrans geboren wordt. Geen kind waaraan je meteen ziet dat moet wel een bijzonder kind zijn, die moet wel Goddelijk zijn. Zo gewoon!  Hij kan zelfs nog niet praten. Hij kan de goede boodschap van de komst van de Redder van de wereld nog niet brengen. Daarom komen er boodschappers door Zijn Vader in de hemel die het blijde evangelie van Zijn komst aan de herders laten horen. De Koning, de Verlosser is geboren.

Zij maken duidelijk dat ze niet naar een paleis moeten gaan. Ook niet naar nakomelingen van David die ze eventueel als rijke en aanzienlijke mensen kennen. Nee, ze moeten gaan naar een plek waar ze het nooit zouden verwachten. Naar de plek waar gewoonlijk de dieren staan. Daar vinden ze de pasgeboren Verlosser in een voerbak!  Ze vinden Hem daar heel gewoon. Net als alle kleine pasgeboren baby’tjes in doeken gewikkeld. Dat wil zeggen zoals toen gewoonte was helemaal in gebakerd, helemaal zo in doeken gedraaid dat het zich niet verder kan bewegen. Zo ligt de koning van de koningen in een voerbak!  Dat is het bijzondere teken.

Vader en moeder Jozef en Maria  hebben niet het geld om ergens een heel goede verblijfplaats te huren. Ook al is het nog zo druk. Geld doet dan wonderen. Dat geld hebben ze niet. Jozef en Maria zijn arme mensen.   Let er eens op dat de Zoon van God dan niet zegt: Maar bij die arme mensen wil Ik niet geboren worden als mens. Dat is Mij te min.”

Dat zegt de Zoon van God niet!  Hij die rijker was dan de hele wereld en alle koningen en machthebbers samen. Hij die alles kon doen wat Hij maar wilde zonder beperking laat zich nu ingebakerd in een voerbak leggen. Hij laat zich arm maken. Waarom?  Omdat jij en ik dat nodig hebben! Wij hebben een arme Heiland nodig. Omdat wij zo straatarm zijn. Ja ook Bill Gates en anderen die bij de rijken van deze wereld horen. Wij hebben alleen maar schuld!  Wij kunnen met al onze welvaart onze schuld bij God door onze zonden niet betalen. Al onze welvaart heeft dan geen enkele waarde.  Wat leven wij makkelijk voor eigen welvaart en voor meer geld. Wat gaat er een zuigkracht van uit in onze tijd om al bij je opleiding er op gericht te zijn dat je het in de toekomst ruim hebt. Dat je leven daarom draait. Hoe anders is het werk en het voorbeeld dat de Zoon van God ons geeft. Hij komt om te dienen!  Voorbeeld artsen in opleiding paar jaar geleden.

Nu komt de Zoon van God en geeft al Zijn heerlijkheid en rijkdom op om de Redder te zijn van wie eigen schuld en armoede erkent en tot Hem vlucht om door Hem gered te worden. Wie zich daarvoor te goed of te hoog voelt die komt in de eeuwige armoede terecht en kan zichzelf er nooit uit opwerken. Wat is het belangrijk dat het kerstfeest voor jou het feest is waarop jij jou armoede eerlijk belijdt en in Christus de rijkdom van je leven zoekt. Buiten jezelf!  Dan klinken de volgende woorden uit de Korinthebrief mij als blijde muziek in de oren:  “Want u kent de genade van onze Heere Jezus Christus, dat Hij omwille van u arm is geworden, terwijl Hij rijk was, opdat u door Zijn armoede rijk zou worden.” 2 Kor 8:9  HSV

Christus lag in de voerbak en zo liet Hij zich vernederen. We zien dit in het tweede punt.

 

2.  Hij laat zich voor ons vernederen

 

Waarom ligt de Here Jezus nu eigenlijk in een voerbak?    De Heilige Geest geeft ons daarop het volgende antwoord: “omdat voor hen geen plaats was in de herberg.”

Er is niemand die een plaats afstaat om de Here Jezus op een gewone plaats te geven waar Hij geboren kan worden. De mensen, het volk van God geeft daar geen ruimte voor.  Als je dat leest, is het niet nodig om grote woorden te spreken. Als we dat zouden doen zouden we juist wat de HERE tegen ons zegt makkelijk kunnen laten liggen. Het gaat hier niet om een heel bewuste afwijzing van de Zoon van God als de Verlosser. Het gaat er hier wel om dat de mensen veel te druk zijn met hun eigen dingen om nog oog te hebben voor de komst van de Verlosser. Ze houden er eigenlijk niet echt rekening mee dat Hij komt. Ze letten niet op wie er komen en dat het toch wel bijzonder is dat een hoogzwangere vrouw naar de stad van David komt om er te bevallen. Er is in hun leven geen ruimte om zo met geloofsogen te kijken. Ze zijn zeker nu veel te druk.  Ze zijn zo bezet door al de dingen om zich heen dat ze ook niet echt letten op de naaste die bijzondere hulp nodig heeft.

Hierin ligt voor ons een heel belangrijke boodschap. Je kunt wel veel op te merken hebben over de mensen rond de herberg in Bethlehem 2000 jaar gelden maar hoe staat het er met jou en mij voor?  Hoeveel ruimte is er in ons leven voor Christus?  Is de kamer van ons hart de kamer waar Hij woont en waar we niets liever hebben dan dat Hij er de dienst uitmaakt?  Of hebben we het te druk met onze eigen dingen?  Nemen we elke dag rustig de tijd om Christus tot ons te laten spreken. Om Hem zo in ons te laten werken en zo door de Geest te geven dat wij ons hart op het gebed open willen hebben staan voor Christus, voor de Geest die in ons wil wonen. Om ook juist vanuit dat leven met Christus ook in ons er voor onze naaste te willen zijn. In dit verband is het dan heel opvallend dat de Here Jezus in verband met het laatste oordeel in Matt 25 zegt: “Komt u gezegende van Mijn Vader, beerft het Koninkrijk  ….. want Ik ben een vreemdeling geweest en u hebt Mij gehuisvest  ……Gaat weg van Mij u vervloekten , naar het eeuwige vuur …… want Ik ben een vreemdeling geweest en u hebt Mij niet gehuisvest”.  Vs 34…35;  41…43

Het is daarvoor dat Christus zich heeft vernederd om jou en mij zo te bewonen en zo het leven voor altijd met de HERE te geven. Daarvoor kwam Hij van de hemel af.

Het liggen in de voerbak was een begin van de vernedering voor Hem.  Hij de Zoon van God liet zich in een voerbak voor dieren neerleggen. Wat een liefde voor schuldige mensen! Hij liet zich in zekere zin behandelen als een dier om ons een echt menselijk bestaan als beeld van God te geven. Hij liet zich in het vervolg van Zijn leven op aarde zelfs als minder dan een dier behandelen. Luister maar naar wat de Here Jezus zelf in Lucas 9: zegt:  “En toen zij op weg waren, zeide iemand tot Hem: Ik zal U volgen, waar Gij ook heengaat.  En Jezus zeide tot hem: De vossen hebben holen en de vogelen des hemels nesten, maar de Zoon des mensen heeft geen plaats om het hoofd neer te leggen.”vs 57,58

De Zoon van die zich in een voerbak als wieg liet leggen, laat zelfs toe dat Hij tijdens Zijn leven op aarde van tijd tot tijd als dakloze door het leven moet. Dat er voor Hem geen goede plaats is om te slapen. Dan denk ik nu vooral aan die ene nacht wanneer Jezus geen slaap gegund wordt. Als er met Hem gesold wordt als gevangene, als godslasteraar. Hij wordt als minder dan een dier behandeld. Hij laat het toe om jou en mij van deze ellende die jij en ik verdiend hebben te redden. Wat een Goddelijke liefde voor zondaars.

Na die nacht laten de mensen de Here Jezus nog een plaats op deze wereld.  Dat is die aan het kruis. Het kruis dat uitspreek voor u is er geen plaats op deze wereld. Wij willen voor altijd van U af. Ook die vernedering ondergaat de Zoon van God om onze Heiland te zijn, onze Redder. Die er voor zorgt dat er onverdiend voor wie tot Hem vlucht een woning bij God in de hemel en later op de nieuwe aarde is. Hij laat zich wegduwen om voor ons door het dragen van Gods toorn tegen onze zonden een heerlijke eeuwige plek bij de HERE te geven. Dat is het echte kerstfeest.

Ik kan het niet laten hier nog iets aan toe te voegen. Die voerbak voor dieren daarin lag de Here Jezus.  Hij schaamde zich niet voor de dieren, Hij schaamde zich niet voor heel Gods schepping. Zijn werk dat Hij door vernedering en lijden heen voor Gods kinderen is komen doen, heeft ook betekenis voor heel Gods schepping, ook voor de dieren.

Heel de schepping kijkt daarom uit naar de terugkomst van de Here Jezus als het Kerstfeest tot Zijn grote doel gekomen is. Waar we dan met eigen ogen zien hoe de wereld weer een paradijs geworden is. Dat gebeurt op het moment dat al Gods kinderen er zijn. Luister maar hoe geweldig dat is:

“Want ik ben ervan overtuigd dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden.  Met reikhalzend verlangen immers verwacht de schepping het openbaar worden van de kinderen van God.  Want de schepping is aan de zinloosheid onderworpen, niet vrijwillig, maar door hem die haar daaraan onderworpen heeft,  in de hoop dat ook de schepping zelf zal bevrijd worden van de slavernij van het verderf om te komen tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van God.” Rom 8: 18-21

Vier zo in liefde verbonden met Christus het Kerstfeest. Dan ben je rijk in Christus om nooit meer arm te worden.

 

AMEN