Zondag 39 De HERE geeft gezag (vooral over de opvoeding)

Zondag 39  De HERE geeft gezag (vooral over de opvoeding)

ORDE VAN DIENST

 

Votum en zegengroet

Zingen :           Psalm 25 : 4, 5

Gebed

Lezen  :           Efeze 6

Zingen :           Psalm 78 : 1, 2

Tekst   :           H.C. Zondag 39

Preek

Zingen :           Psalm 148 : 4, 5

Geloofsbelijdenis

Zingen :           Gezang 38 : 3, 4, 5, 6

Gebed

Collecte

Zingen :           Psalm 34 : 5, 6

Zegen

 

 

Geliefde gemeente van onze Here Jezus Christus, broeders en zusters, jongens en meisjes

 

Ik begin vanmiddag met een citaat. Later in de preek kom ik er op terug. In een verklaring van het boek Spreuken las ik het volgende: “Ouders die hun  ‘stok’ ongebruikt laten, konden weleens bewerken, dat  God naar Zijn stok grijpt. Dan zullen volken en kerken, huwelijken en scholen, verenigingen en ondernemingen aan de weet komen, dat de dwaasheid van de tuchteloosheid naar de ondergang leidt. Want uit tuchteloze kinderen groeien tuchteloze staatsburgers, ontrouwe gemeenteleden, trouweloze echtgenoten, onbetrouwbare medewerkers. En dat had de ‘stok’ mits bijtijds dus vroeg gebruikt, kunnen voorkomen.”

Ga ik hier vanmiddag pleiten voor een heel strenge opvoeding waarbij straf en een corrigerende tik het werk moeten doen? Ga ik hier vanuit Zondag 39 pleiten voor een soort gehoorzaamheid waarbij het eigenlijk niet belangrijk is dat je uitlegt wat je van je kinderen vraagt? Ga ik pleiten voor een opvoeding waarbij liefde van de kant van de ouders niet belangrijk is. Waarbij het alleen maar belangrijk is omdat ouders dit zeggen en daarom is het goed en nodig om te gehoorzamen? Nee, dat ga ik niet doen want dat zou juist tegen de wil van onze hemelse Vader ingaan zoals we die in de Bijbel lezen. Zonder echte liefde is er geen goede opvoeding. Zonder echte liefde komt ook het gehoorzamen van de ouders en het leren van gehoorzaamheid in het hele leven niet in het goede kader te staan. Liefde en gehoorzaamheid horen als het goed is bij elkaar. Et is nodig om dat ook uit te stralen en uit te spreken in deze wereld.     

Ik verkondig jullie het evangelie van Jezus Christus onder het volgende thema:

 

DE HERE GEEFT GEZAG

  1. Waar leer je om gezag te eerbiedigen?
  2. Wat betekent dat in de praktijk?

 

  1. Waar leer je om gezag te eerbiedigen?

 

De HERE heeft in de eerste 4 geboden heel duidelijk aangegeven dat het in de eerste plaats om het leven met Hem gaat. Hij staat boven alles en allemaal. Dat is de plaats die Hij in het leven van elk mens verdient!  Hij is de Schepper en wij zijn schepselen. Hij is de enige God en wij Zijn mensen. Het gaat dan niet om een koude verhouding tussen de HERE en ons. De HERE wil juist een warme verhouding. Dat maakt de Here Jezus heel duidelijk wanneer Hij het eerste deel van de 10 geboden zo samenvat: “U zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart, en met geheel uw verstand. Dit is het grote en eerste gebod.” Matt 22:37,38

Die warme verhouding die de HERE in ons leven zoekt, moeten we leren. Het is de verhouding van waaruit we dan ook in de verhoudingen tussen mensen om ons heen op een goede manier met elkaar leren omgaan. Want ook daarbij gaat het om liefde, dus om een warme verhouding. Een verhouding waarin liefde maar ook gehoorzaamheid en gezag een belangrijke rol spelen. Nu begint de HERE het tweede deel van de tien geboden met dit gebod:

“Eer uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat de HERE, uw God, u zal geven.” Waar moet je nu leren om de HERE en je naaste lief te hebben? In het gezin waar de HERE jou een plaats gegeven heeft. Dat laat zien dat we als ouders een heel bijzondere taak en verantwoordelijkheid op aarde gekregen hebben. Dat geldt op een andere manier ook als we zelf geen kinderen hebben of als we geen kinderen meer inn huis hebben. De kinderen en de jeugd kijken ook naar de anderen in de gemeente. Wat is het voorbeeld dat we geven? Wat stralen we uit? Laten we ook als ouderen zien dat tere leven in liefde voor de HERE? Laat ik een voorbeeld noemen. Je bent als oudere alleen komen te staan door het overlijden van man of vrouw. Je ontmoet iemand met wie je graag weer in liefde je leven wilt delen. Je hebt het goed met elkaar. Je bent vaak bij elkaar. Je wilt ook trouwen. Je weet het zeker. Omdat je toch wel een eindje van elkaar woont blijf je ook in de avonden samen in een huis en misschien wel in een bed want je bent oud en mensen hoeven niet bang zijn dat er iets gebeurd wat volgens Gods gebod niet goed is. Dan geef je een verkeerd voorbeeld met misschien wel heel gelovige woorden. Ook in ons leven als we ouder zijn en geen kinderen en jeugd in huis hebben is het nog belangrijk om het goede voorbeeld te geven uit liefde voor de HERE.

In het gezin is het nodig om juist de warme verhouding van liefde met de HERE en de naaste te zien. Want is het t grote doel van de opvoeding en van ons hele leven?

We lezen dat in Spreuken 1: “De vreze van de HERE is het begin van de kennis; de dwazen verachten wijsheid en tucht. Hoor, mijn zoon, de tucht van uw vader en verwerp de onderwijzing van uw moeder niet; want zij zijn een lieflijke krans voor uw hoofd, een keten om uw hals.” Vs 7-9

Het doel van de opvoeding is om de kinderen de vrees van de HERE te leren. Die vrees is het begin van de wijsheid. Als dat niet het begin van de wijsheid in jouw leven is of wordt, gaat het mis. De reden daarvoor is dat je dan een verkeerd uitgangspunt hebt en dus ergens anders in je leven uitkomt dan de weg die de echte wijsheid je wijst. Dat bedrieg je jezelf. Het begin en het uitgangspunt is de vrees van de HERE.

Wat is dat nu eigenlijk? Is dat dat we in onze opvoeding, dat we de catechisatie en in de kerkdiensten mensen moeten leren om bang voor de HERE te zijn? Juist niet! De woorden “vreze van de HERE” wijzen juist niet op angst en afstand. Ze wijzen op een leven dicht bij de HERE. In tere liefde. Een leven dat door eerbied voor de HERE gedragen wordt en dat ook juist in liefde voor Hem naar de kinderen en anderen toekomt.

Waar komt die eerbied vandaan? Komt die voort uit angst? Als het goed is niet. Als het goed is komt de diepe eerbied voor de HERE in je leven voort uit het kennen van Christus as de Persoon die de grootste waarde in je leven heeft. Eerbied voor de Drie-enige God omdat je Hem kent als de enige God die alle eer verdient, die alle macht heeft die ongelooflijk groot in liefde en genade is. Dan is er bij jou ook de verwondering dat jy door Gods onverdiende goedheid bij Hem mag horen. Dat jij Christus uit genade alleen als je Redder mag kennen. Dat is iets dat zo groot is, zoveel gewicht heeft dat je dat je kinderen wilt laten zien en horen! Dan is vrees voor de HERE geen angst maar liefde en verwondering waardoor het leven in eerbied voor Hem het grote doel van je leven is. Je wilt je kinderen laten zien hoe bijzonder en groot die God is die ook hun Vader wil zijn. Dan gaan de woorden over het inprenten in Deut 6 ook in het goede perspectief staan:  “Hoor, Israël: de HERE is onze God; de HERE is een!  U zult de HERE, uw God, liefhebben met heel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht. Wat ik u heden gebied, zal in uw hart zijn, u zult het uw kinderen inprenten en daarover spreken, wanneer u in uw huis zit, wanneer u onderweg bent, wanneer u neerligt en wanneer u opstaat. U zult het ook tot teken op uw hand binden en het zal u een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn, en u zult ze schrijven op de deurposten van uw huis en uw poorten.” Vs 4-9

Bij deze opvoeding hebben vader en moeder allebei hun eigen plaats. Het gaat er om dat we samen onze kinderen in liefde en eerbied voor de HERE opvoeden. Als je dat samen doet vraagt dat om het samen in tere liefde de HERE dienen. Vraagt om het samen praten over de opvoeding van onze kinderen. Het vraagt ook zeker om onze gebeden als vader en moeder voor onze kinderen. Van opa’s en oma’s voor de kleinkinderen en van ons als gemeente voor de jeugd. Ook het gebed dat we zelf goede voorbeelden zijn van een leven in liefde voor de HERE en onze naasten. Bij die gebeden hoort altijd weer het gebed dat de HERE de opvoeding wil zegenen. Want onze kinderen worden met een hart geboren dat niet naar de HERE wil luisteren. Wij kunnen onze kinderen niet zo maken dat ze bij de HERE komen en blijven. Steeds weer is nodig het gebed om het nieuwe hart voor onze kinderen. Om een leven door de Geest waarin de Geest hen en ook ons tot nieuwe mensen maakt. Dat mag nooit in ons leven ontbreken.

Dat het bij de opvoeding van de kinderen  om vader en moeder gaat, hebben we al aan het begin van de preek vanuit Spreuken 1 gezien. Wat betekenen deze dingen nu in de praktijk van het leven? Er is al veel praktisch genoemd maar nu op een aantal punten nog iets meer toegespitst.

 

  1. Wat betekent dit in de praktijk?

 

Denk nog maar eens terug aan het citaat aan het begin van de preek. Hoe moeten we opvoeden, hoe moeten we als jongeren de opvoeding ontvangen?

Eerst maar eens de vraag wanneer we eigenlijk met opvoeden zouden moeten beginnen.

We krijgen daarop een duidelijk antwoord in Spreuken 22. Ik gebruik voor de duidelijkheid nu de HSV: “Oefen de jongeman overeenkomstig zijn levensweg, ook als hij oud geworden is, zal hij daarvan niet afwijken.”

Het gaat er om dat we meteen met de opvoeding beginnen! Zo jong als mogelijk en de manier waarop aanpassen aan het moment waarop onze jongens en meisjes op hun levensweg staan.

We beginnen de opvoeding als het goed is als onze kinderen baby’tjes zijn. We brengen vanuit de verbondenheid aan de HERE onze kleine kinderen naar het doopvont. Omdat we belijden dat we bij de HERE en Zijn verbond horen vanaf het begin van ons leven. Wij willen in ons leven als ouders en kinderen en als hele gemeente staan op de vaste grond van Gods belofte. Dat Hij onze God en Vader wil zijn.

Dat betekent wanneer voor zover wij kunnen nagaan ons kind nog weinig tot niets begrijpt we ze bij de HERE brengen in de doop. We bidden ook voor dat kleine wondertje dat we van de hemelse Vader gekregen hebben. Dat betekent dat we op het niveau van het kind  dit kind willen omringen met de woorden en de liefde van God. Dat we steeds weer op hun eigen niveau en met de vragen die ze hebben naar ze willen toekomen met wie de HERE is en wat Hij ook voor hen wil zijn.

Dat betekent dat we vroeg beginnen om te vertellen wat de HERE ons in de Bijbel verteld heeft. Dat we ze laten weten wat de grote daden van God zijn. Dat we ze laten weten wat de wil van God in het leven van elke dag is.

Hoe doe je dat? Door echt met je kinderen te leven. Door echt liefde en daarom belangstelling voor hen te hebben. Om daarom ook elke dag weer te bidden. Daarin zijn wij gebrekkig maar dat moet wel onze bedoeling zijn en daar moeten we elkaar steeds weer op wijzen. Dat betekent dus dat een opvoeding nooit kan zijn dat het niet verder komt dan:

Je doet het omdat ik het zeg, je doet het omdat het zo hoort en zelfs niet je doet het zo omdat het in Bijbel staat. Het is steeds weer nodig om echt met onze kinderen en onze jeugd te praten. Om samen ons onder het gezag van de HERE te willen stellen uit liefde. Over dat echt in liefde luisteren lezen we ook in Efeze 6: “En u vaders, verbittert uw kinderen niet, maar voedt hen op in de tucht en de terechtwijzing van de HERE.”

Verbitteren doe je als je altijd maar kritiek hebt. Als kinderen nooit iets goeds kunnen doen en je alleen de dingen opnoemt die nog beter kunnen of die ze nog niet gedaan hebben. Dan worden kinderen en ook anderen als je zo met ze omgaat moedeloos.

Dat geldt ook als onze kinderen volwassen geworden zijn. Dat geldt ook voor de mensen met wie we omgaan al zijn ze geen familie. Wanneer onze kinderen op zichzelf wonen, getrouwd zijn, een gezin hebben. Dan zijn ze met allerlei dingen bezig, dan zijn ze aan het verbouwen in het huis, zijn met dingen rond het huis bezig. Ze praten er over, vinden het mooi, zijn er trots op. Wat is het dan belangrijk dat we onze belangstelling en waardering laten blijken ook las het niet onze manier en onze smaak is. Zolang het niet tegen de wil van de HERE ingaat, laat dan je belangstelling blijken en leef met ze mee!  Hoe kun je er nu voor zorgen dat onze kinderen, de jeugd niet moedeloos wordt?     

 Dat voorkom je als we samen jong en oud voor Christus willen leven en elkaar daarin en daartoe stimuleren. Wanneer we leven vanuit de belofte die we van de HERE gekregen hebben! Dan kun je elkaar wanneer het nodig is corrigeren, zelfs heel indringend en ernstig vermanen, de ander tot bekering oproepen omdat hij of zij op een weg is die ongehoorzaamheid aan de HERE is en daarom die ander laat gaan op de weg die naar het verderf  leidt. Dat mag je binnen het gezin en binnen de gemeente doen op grond van Gods verbond. Op grond van de HERE die met Zijn liefde en belofte naar ons toegekomen is. Dan kun je wie oud genoeg is zeggen hij of zij bezig is om Gods liefde in zijn of haar leven te weerstaan en zo op de verkeerde weg is. Als het goed is zeggen we dat tegen mensen om ons heen niet met boosheid in ons hart maar met liefde en verdriet en laten we dat ook blijken in ons leven. Dat is voor ons soms heel moeilijk en ook dan hebben we het gebed heel erg nodig.

Wat is het belangrijk dat we onze kinderen als ze jong zijn de weg van de HERE willen wijzen. Als het nodig is ook met straf. Dat is in onze tijd bij veel mensen not-done om zo te praten en dat te doen. Alles moet alleen door praten en een straf zou liefdeloos zijn.  Gehoorzaamheid op een bepaald moment afdwingen zou altijd verkeerd zijn. Toch spreekt de Bijbel daar anders over. Ik noem eerst een paar opvallende teksten in het boek Spreuken:

“Wie zijn roede spaart, haat zijn zoon; maar wie hem liefheeft, tuchtigt hem reeds vroeg.” 13:24

“Kastijd uw zoon, wanneer er nog hoop is, maar laat u niet verleiden hem te doden.” 19:18

Je leest in het Spreukenboek nog veel meer van dit soort woorden. Zijn dit nu onbarmhartige woorden uit een primitieve cultuur? Als je het onwelwillend leest kun je er de HERE en Zijn Woord belachelijk mee maken. Dat getuigt meer van eigen kortzichtigheid dan dat je wijs bent. Want wat is het geval? Niemand van ons heeft een hart dat diep van binnen goed is. Wij gaan uit onszelf liever de weg waarbij we ons eigen belang hier en nu zoeken. Je ziet het in deze wereld, vol geweld, corruptie en ontrouw. We zingen over de liefde maar velen die als sterren daarover zingen blijven niet trouw aan een man of vrouw. Wij moeten als zondaren gebroken worden. Soms hebben we daar een harde hand uit liefde voor nodig! Als er dan in Spreuken staat dat je je zoon niet mag doden dan betekent dat niet dat je je zoon tot bloedens toe in elkaar kunt slaan als hij maar net niet doodgaat. Nee, het gaat erom dat de ander voelt dat als hij jong is dat hij op de verkeerde weg is. Dat je niet zomaar verder kunt gaan. Als dat in jou leven gebeurt wat is het dan belangrijk dat je ervan schrikt en je je afvraagt waar ben ik mee bezig. Dat je naar jezelf kijkt in de spiegel van Gods wet en je afvraagt of wat je doet of zegt is zoals onze hemelse Vader het wil. Als je merkt dat die gevoelig tik je heeft laten zien dat je op de verkeerde weg was, is het iets om heel dankbaar en blij mee te zijn. Let er op dat de HERE Zijn kinderen ook uit liefde in hun leven laat voelen als ze op de verkeerde weg zijn. Uit liefde. Heel duidelijk lezen we dat in Hebr 12:

“U hebt nog niet ten bloede toe weerstand geboden in uw worsteling tegen de zonde, en u hebt de vermaning vergeten, die tot u als zonen spreekt: Mijn zoon, acht de tuchtiging van de Here niet gering, en verslap niet, als u door Hem bestraft wordt, want wie Hij liefheeft, tuchtigt de Here, en Hij kastijdt iedere zoon, die Hij aanneemt. Als tuchtiging hebt u dit te dragen: God behandelt u als zonen.” Vs 4-7

Dominee daar kom is als ouder, als opa en oma, als gemeentelid altijd weer tekort in. Dominee daarin schiet ik als kind en jong gemeentelid veel tekort. Ik mopper heel vbeel tegen mijn ouders, tegen de baas op het werk, over de ambtsdragers in de kerk. We komen hierin allemaal tekort en laten we dan op de Here Jezus letten die als kind wijzer was dan Zijn ouders. Die toen zijn ouders hem als 12 jarige vonden in de tempel gehoorzaamde aan Zijn ouders en weer met ze meeging naar Nazaret. Christus heeft altijd gehoorzaamt aan Vader in de hemel en is daarom tenslotte aan het kruis gestorven onder onze schuld en ongehoorzaamheid. Laten we jong en oud bij Hem vergeving zoeken maar ook de Geesdrift om enthousiast samen kinderen van God te zijn. Samen een gemeente die in liefde gehoorzaam aan Christus als onze Here en Verlosser wil leven.

 

AMEN